Print deze pagina
 
Terug naar nieuwsoverzicht

09-12-2011

Premies en opbouw pensioenregeling 2012

Schiphol, 9 december 2011 – In overleg met CAO-partijen en na positief advies van de Deelnemersraad is een besluit genomen over de premies 2012 en over een vooralsnog tijdelijke verlaging van de pensioenopbouw in 2012. Met dit besluit komt de feitelijke premie, bij de huidige rente, vrijwel overeen met de benodigde kostendekkende premie.

Aanleiding en oplossing
Ingevolge de Pensioenwet moet een pensioenfonds een premie heffen die voldoende is om nieuwe opbouw van de pensioenen kostendekkend in te kopen. Een sterk bepalende factor in de berekening daarvan is de actuele rente. Door de lage rente nu is de huidige premie van 23% (over de pensioengrondslag) onvoldoende en zou een premieverhoging van 5 à 6% noodzakelijk zijn om de pensioenopbouw in 2012 kostendekkend in te kopen. De premiestijging die hiervan het gevolg zou zijn, is gelet op de huidige economische ontwikkelingen door het fonds en de sociale partners in de Metalektro als onverantwoord beoordeeld.

In nauw overleg met CAO-partijen in de sector zijn daarover de volgende besluiten genomen.

  • De premie voor de basisregeling wordt voor 2012 vastgesteld op 25% van de pensioengrondslag. Hiervoor gaat de reguliere premie van 23% naar 24%. Daarnaast wordt 1% overgeheveld vanuit de premieheffing voor de overgangsregelingen. Deze is 2,5% voor 2012, waarvan dus 1% wordt gebruikt voor de basisregeling. 1

    In totaal zal de premie voor de regelingen in de Metalektro in 2012 daarmee 26,5% van de pensioengrondslag bedragen. Dit komt overeen met 16,5% van de loonsom.

  • De opbouw van de pensioenrechten wordt (vooralsnog alleen voor 2012) verlaagd van 2,2% naar 2%. Dit komt overeen met een besparing op de premie van 2%.

Met deze maatregelen komt de feitelijke premie, bij de huidige rente, vrijwel overeen met de benodigde kostendekkende premie. Een negatieve renteontwikkeling zal echter niet meer van invloed zijn op de vastgestelde feitelijke premie. Met deze maatregelen is naar het oordeel van het bestuur een goed evenwicht gevonden in de verdeling van de lasten. Werknemers zien zich geconfronteerd met een lagere pensioenopbouw en werkgevers dragen het grootste deel van de premiestijging.

De toelichting

De premie 2012
In de Metalektro geldt de afspraak dat maximaal 50% van de reguliere premie wordt bijgedragen door de werknemer. Van de reguliere premie van 24% dragen werknemers dus maximaal 12% bij. Daarnaast is er in 2012 een premie van 2,5% voor de overgangsregelingen. Dit is met ingang van 2012 een volledige werkgeverspremie, waarvan nu is afgesproken dat 1% ten goede zal komen aan de basisregeling. De premie voor de pensioenopbouw boven het maximumsalaris (excedentregeling) wordt verhoogd met 1%.

Gevolgen voor de deelnemer
Voor de deelnemer betekent dit dat hij/zij niet meer, maar minder premie betaalt. Van de verhoogde premie voor de basisregeling komt maximaal 0,5% voor rekening van de deelnemer. Het werknemersdeel van de premie voor de overgangsregelingen vervalt echter. Daardoor betaalt de deelnemer per saldo minder premie dan in 2011.
De opbouw van de pensioenrechten wordt vooralsnog alleen in 2012 verlaagd van 2,2% naar 2%. Dit is ook het geval voor de pensioenopbouw boven het maximumsalaris.

Gevolgen voor de werkgever
Voor de werkgever betekent dit een premieverhoging voor de basisregeling van 0,5%. De premie voor het Voorwaardelijk extra pensioen (VEP) van 2,5% komt per 2012 volledig voor rekening van de werkgever. Dit is echter geen nieuwe afspraak. Deze premie was al eerder in het kader van de dit jaar afgesloten CAO in samenhang met de daarin overeengekomen loonontwikkeling afgesproken.

Indexatie
Zolang de dekkingsgraad van PME onder de 104,3% is, vindt geen indexatie plaats. Dit is geen nieuw besluit, maar komt voort uit het herstelplan van PME.

Begin februari 2012 besluit aanvullende maatregelen
Volgens het herstelplan moet de dekkingsgraad van PME op 31 december 2011 ongeveer 96% zijn. Eind november was de dekkingsgraad 87,4%. Begin 2012 beoordeelt het bestuur of de financiële positie van PME zich volgens het herstelplan ontwikkelt. Peildatum daarvoor is 31 december 2011. Als de situatie op 31 december 2011 niet verbeterd is, zal het bestuur aanvullende maatregelen moeten treffen. PME zal dan mogelijk het voorgenomen besluit moeten nemen om de pensioenen van de gepensioneerden en de pensioenaanspraken van actieve (gewezen) deelnemers te verlagen. Voor deze verlaging heeft PME een jaar respijt. Deze verlaging wordt dan per april 2013 uitgevoerd als de dekkingsgraad eind 2012 onvoldoende is hersteld. De dekkingsgraad moet dan ongeveer 100% zijn.

1 CAO-partijen zijn voornemens na 2012 de aan de reserves voor de overgangsregeling tijdelijk onttrokken gelden te compenseren.

Bron: Persbericht PME